Anonimiteit en paranoia
Is waarheid opgewassen tegen oorlogen met woorden en beelden?
Een mooie tijd, een bende onder de naam van de “Zwarte Hand”. Ons onderkomen hadden we op een braakliggend terrein bij de oude stadswal. Later kwam met een van m’n eerste Duitse boekjes, “Emil und die Detektive”, die bende van de zwarte hand weer terug in herinnering. Herinnering aan de tijd dat we het gevoel hadden dat de straat van ons was, dat was inmiddels allang niet meer zo.
Vanwaar bendevorming,bilderservice, de drang om ergens bij te horen, die waas van geheimzinnigheid. En niet onbelangrijk, buiten de controle van thuis. Streken uithalen, strijd leveren, zich willen onderscheiden en afzonderen van anderen? Zijn daar speciale gaven voor nodig, zit het in de genen, die kwajongensstreken?
Wie weet. Wel weet ik dat de straat er alles toedoet. De ruimte die je kunt gebruiken voor het avontuur of wat dan ook. Volwassenen doen het vaak af als spel, maar het is veel meer, het verkennen van de stad, het leven van volwassenen nabootsen, bouwen, vechten, dat alles hoort erbij en daarvoor moet je overal terecht kunnen. Straatcultuur. Dit even als een terzijde. Maar nu die drang om ergens bij te willen horen. Is die wel zo vanzelfsprekend?